Supply Chain
Cross-docking: wat is het en wanneer loont het?

Cross-docking is overslag zonder opslag. Goederen van meerdere leveranciers komen binnen, worden direct gesorteerd per afleveradres en gaan dezelfde dag in een andere wagen weer weg. In het rekenvoorbeeld hieronder gaan vier leveranciers die dertig winkels beleveren zo van 20 naar 9 ritten, en elke winkel krijgt een levering in plaats van vier.
Hoe werkt cross-docking?
Aan de ene kant van de hal staan de inkomende wagens. Elke leverancier levert in een keer alles voor alle afnemers in de regio. Aan de andere kant staan de uitgaande ritten, elk met een vaste volgorde van losadressen.
Daartussen gebeurt maar een ding: sorteren. Een pallet of colli wordt gescand, het label zegt voor welk adres hij is, en hij gaat naar de baan van die rit. Er komt geen stellage aan te pas en geen picklijst. Wat binnenkomt, gaat weer weg.
Rekenvoorbeeld: wat levert het op aan ritten en losstops?
Een fictieve situatie. Vier leveranciers beleveren dertig winkels. Elke leverancier stuurt per week een pallet per winkel. Twee aannames: een wagen neemt 33 pallets, en een rit doet zes losadressen.
Zonder cross-dock. Elke leverancier rijdt zelf naar alle dertig winkels. Bij zes adressen per rit is dat 30 / 6 = 5 ritten per leverancier, en 4 × 5 = 20 ritten in totaal. Elke rit heeft 6 pallets aan boord, op een capaciteit van 33: de wagen is 18% vol. Samen 4 × 30 = 120 losstops.
Met cross-dock. Elke leverancier rijdt een keer naar de cross-dock met 30 pallets. Dat zijn 4 ritten, elk 91% vol. Daar wordt alles gesorteerd: 4 pallets per winkel. De uitgaande ritten doen weer zes adressen, dus 5 ritten met elk 6 × 4 = 24 pallets, 73% vol. Totaal 4 + 5 = 9 ritten en 30 losstops.
Van 20 naar 9 ritten, van 120 naar 30 losstops. Voor de winkel betekent het vooral dat er een wagen voor de deur staat in plaats van vier, op een tijd die vaststaat.
Wanneer loont cross-docking?
Als de zendingen per adres klein zijn. De winst zit in het bundelen van halve en kwart wagens. Rijdt elke leverancier al met volle wagens naar een enkel adres, dan is er niets te bundelen.
Als er veel losadressen zijn. Winkelketens, franchiseformules, installateurs met vestigingen. Bij een meubelproducent waarvoor we de logistieke processen uitwerkten, zijn de afleveradressen deels winkelmagazijnen en deels cross-docks van de winkelorganisatie. Op een cross-dock komen goederen voor tientallen winkels tegelijk aan.
Als de aankomst te plannen is. Cross-docking leeft van timing. De uitgaande rit vertrekt op een vast moment. Komt een inkomende wagen twee uur te laat, dan wacht de rit of vertrekt hij zonder.
Wanneer loont het niet?
Als de leveranciers onvoorspelbaar aankomen. Als goederen eerst gecontroleerd, geassembleerd of omgepakt moeten worden. En als de data niet meekomt: een pallet zonder label of vooraanmelding moet open om te zien waar hij heen moet. Dan wordt de cross-dock een magazijn, maar zonder de systemen van een magazijn.
Welke data is nodig om het te laten werken?
Een label per colli. Bij de meubelproducent staat op elk label de rit, de ontvanger, het losadres, het ordernummer en de colli-telling, zoals "colli 1/2". Wie scant, weet direct naar welke baan het moet.
Een vooraanmelding per zending. Wat er komt, voor welk adres, in hoeveel colli. Zonder die lijst weet de cross-dock pas bij het lossen wat er gesorteerd moet worden.
Het adres als eenheid, niet de klant. Bij een cross-dock die tientallen winkels bedient, is het afleveradres de natuurlijke eenheid: daar staat de vrachtwagen. Leveren twee concurrerende winkelorganisaties op dezelfde cross-dock, dan moet hun data wel gescheiden blijven.
Een volume per artikel. De vraag of het in de wagen past, is een vraag in kubieke meters. Bij meubels zegt een aantal stuks niets.
Welke fouten zien we in de praktijk?
Dezelfde cross-dock veertig keer in het systeem. Elke order met een net andere schrijfwijze van het adres maakt een nieuw afleveradres. Daarom geldt bij de meubelproducent: eerst zoeken of het adres bestaat, dan pas invullen.
Afstanden op plaatsnaam. Een cross-dock ligt meestal aan de rand van een stad. Van stad naar stad rekenen geeft dan al snel tientallen kilometers verschil. Reken op postcode plus huisnummer, en laat de coördinaten met de hand corrigeren: een dock aan de achterkant van een bedrijventerrein is op postcode niet te vinden.
Orders die gepland zijn maar niet geladen. Een deel past niet in de wagen of is niet op tijd klaar. Zonder vaste plek in het systeem verdwijnt zo'n order uit beeld. Bij de meubelproducent gaat hij naar een aparte verzamelbak, met de datum, de reden en hoe vaak hij er al in stond.
Voorraad tellen op een overslagpunt. Een cross-dock is een eigen locatietype, waarop niet standaard voorraad geteld wordt. Anders staan er goederen in de boeken op een plek waar ze maar een paar uur zijn.
Hoe pakken wij dit aan?
We beginnen bij de ritten zelf: hoeveel pallets per adres, hoe vol is elke wagen, hoeveel losstops per week. Die cijfers staan meestal al in het ERP of het transportsysteem. Pas als blijkt dat er te bundelen valt, ontwerpen we het sorteren, de labels en de vooraanmelding.
Elke rit krijgt zijn eigen vrachtbrief. Hoe die digitaal meegaat staat bij e-CMR. De orders die de ritten vullen, komen bij een B2B-producent voor 2 van de 3 mails als correcte conceptorder binnen, gemeten over 5.017 ordermails (cases).
Plan een Data Impact Scan en zie binnen een week hoe vol de ritten nu rijden, en of een cross-dock daar iets aan verandert.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen cross-docking en opslag in een magazijn?
In een magazijn gaan goederen in een stellage en worden ze later gepickt. Bij cross-docking worden ze bij binnenkomst gesorteerd per afleveradres en gaan ze dezelfde dag weer weg. Er is geen voorraad, dus ook geen picklocatie en geen voorraadtelling.
Wanneer loont cross-docking niet?
Als elke leverancier al volle wagens naar een enkel adres rijdt, als de aankomsttijden niet te voorspellen zijn, of als goederen eerst bewerkt of gecontroleerd moeten worden. Dan levert de extra overslag vooral wachttijd en handelingen op.
Welke data is nodig voor cross-docking?
Per zending een vooraanmelding met wat er komt, voor welk afleveradres, en op welke pallet of colli. Plus een label per colli dat bij binnenkomst gescand wordt. Zonder vooraanmelding moet elke pallet bij aankomst worden opengemaakt om te zien waar hij heen moet.
Hoe lang blijven goederen in een cross-dock?
Zo kort mogelijk, idealiter alleen de tijd tussen lossen en laden. Wat langer blijft staan, wordt in de praktijk voorraad zonder dat het systeem hem zo behandelt. Daarom hoort een cross-dock een eigen locatietype te hebben waarop niet standaard voorraad geteld wordt.
Stel een vraag over cross-docking
Laat je e-mailadres achter. Een solution architect uit het team reageert binnen een werkdag, met een eerste inschatting.
Liever het uitgebreide contactformulier




