Supply Chain
Omloopsnelheid voorraad berekenen: formule en normen

Omloopsnelheid is hoe vaak de voorraad per jaar wordt verkocht: de kostprijs van de verkopen gedeeld door de gemiddelde voorraad tegen kostprijs. Bij een importeur die we doorlichtten was dat 1,08 keer per jaar. Dat betekent dat een artikel er gemiddeld 338 dagen lag voordat het verkocht werd.
Waarom doet de omloopsnelheid ertoe?
Omdat het in één getal laat zien hoeveel kapitaal er op de plank ligt in verhouding tot wat er verkoopt. Bij een lage omloop zit geld vast in voorraad. Dat kost rente, magazijnruimte en het risico dat een partij moet worden afgewaardeerd.
Het getal is ook een vroeg signaal. Als de omloop daalt terwijl de omzet gelijk blijft, groeit de voorraad harder dan de vraag. Dat is meestal het begin van incourante voorraad.
Wat is de formule?
Twee varianten die hetzelfde zeggen:
- Omloopsnelheid = kostprijs van de verkopen over 12 maanden / gemiddelde voorraad tegen kostprijs.
- Voorraaddagen (days inventory outstanding, DIO) = 365 / omloopsnelheid. Of rechtstreeks: gemiddelde voorraad / kostprijs van de verkopen × 365.
De gemiddelde voorraad is bij voorkeur het gemiddelde van twaalf maandstanden. Begin- plus eindstand gedeeld door twee kan ook, maar mist seizoenen.
Rekenvoorbeeld: hoe ziet dat er voor één artikel uit?
Een fictief artikel bij een groothandel, in stuks, zodat de prijs niet meetelt.
Stap 1: de verkoop. Over twaalf maanden zijn 480 stuks verkocht.
Stap 2: de gemiddelde voorraad. Aan het begin van het jaar lagen er 140, aan het eind 100. Gemiddeld: (140 + 100) / 2 = 120 stuks.
Stap 3: de omloop. 480 / 120 = 4. De voorraad gaat vier keer per jaar rond.
Stap 4: de voorraaddagen. 365 / 4 = 91 dagen. Een stuk ligt gemiddeld drie maanden in het magazijn.
Voor het hele bedrijf werkt het net zo, maar dan op waarde: de inkoopwaarde van alles wat verkocht is, gedeeld door de voorraadwaarde. Bij de importeur gaf dat 1,08. En 365 / 1,08 = 338 dagen.
Welke norm is haalbaar?
Een betrouwbare branchenorm hebben we niet gevonden. Tabellen met "de norm voor groothandel" noemen zelden waar hun getal vandaan komt. Wat wel werkt, is de norm uitrekenen uit het eigen bestelritme.
De gemiddelde voorraad bestaat grofweg uit twee delen. De helft van een bestelling, omdat de voorraad van vol naar leeg loopt. Plus de veiligheidsvoorraad, die er altijd ligt.
Een containerleverancier. Elke 13 weken een container, dus de bestelling dekt 13 weken vraag. Gemiddeld ligt daar de helft van: 6,5 weken. De buffer is vier weken. Samen 10,5 weken. Omloop: 52 / 10,5 = 4,95, afgerond 5 keer per jaar. Dat is 10,5 × 7 = 73,5 dagen.
Een binnenlandse leverancier. Elke twee weken een levering, één week buffer. Gemiddeld 1 + 1 = 2 weken voorraad. Omloop: 52 / 2 = 26 keer per jaar.
Hetzelfde bedrijf kan dus voor het ene artikel 5 als goed hebben, en voor het andere 26. Bestelt een importeur zoals de containerleverancier hierboven, dan past rond de 5 keer. De 1,08 die we maten komt dus niet door de lange levertijd. Het gat zit in de artikelen die niet verkopen.
Welke rekenfouten zien we in de praktijk?
Omzet in plaats van kostprijs in de teller. Dan telt de marge mee. Bij de importeur was de brutomarge 57%. Met de omzet gerekend kwam de omloop op 2,5 keer per jaar. De echte omloop op kostprijs was 1,08. Hetzelfde magazijn, een getal dat ruim twee keer zo gunstig oogt.
De eindstand gebruiken als gemiddelde. Een tuinmeubelgroep die in oktober wordt gemeten, staat leger dan in maart. Wie op een rustig moment meet, rekent zich rijk. Gebruik maandstanden.
Alleen het totaal bekijken. Het gemiddelde van 1,08 verborg grote verschillen. Kasten liepen 1,74 keer per jaar om, tafels 1,37, tuin 0,82 en de winkelgroep 0,77. In de artikelen zelf was het verschil nog groter: 24% van de voorraadwaarde was een jaar of langer niet verkocht, en 23% liep traag. Slechts 41% stond op artikelen met structurele afzet.
Nieuwe artikelen meetellen alsof ze traag zijn. Een artikel dat net binnen is, heeft nog geen jaar verkoop. Bij de importeur was 12% van de voorraadwaarde nieuw en nog onbewezen. Die groep hoort apart, anders lijkt een assortimentsuitbreiding op een probleem.
Hoe pakken wij dit aan?
We rekenen de omloop per artikel uit, niet per bedrijf, rechtstreeks op de verkoop- en voorraadhistorie uit Exact Online of AFAS. Elk artikel krijgt een plek: dood, traag, nieuw of gezond. Daarnaast staat de norm die bij de eigen leverancier hoort. Waar die twee uit elkaar lopen, zit het werk.
De buffer per artikel bepaalt een groot deel van de norm. Hoe hoog die moet zijn, hangt af van de servicegraad die per artikelklasse gewenst is. En een betere voorspelling maakt de buffer kleiner: bij een internationale fabrikant ging de forecast-nauwkeurigheid van 40% naar 86%. Meer daarover bij forecast accuracy.
Plan een Data Impact Scan en zie binnen een week de omloop per artikel, naast de norm die bij de leverancier hoort.
Veelgestelde vragen
Wat is een goede omloopsnelheid van de voorraad?
Dat hangt af van hoe vaak er besteld wordt en hoe groot de buffer is. Een artikel dat elke 13 weken per container binnenkomt met vier weken buffer, haalt rond de 5 keer per jaar. Bij een binnenlandse leverancier die elke twee weken levert, kan 20 keer of meer. Een vast getal per branche zegt minder dan die som per leverancier.
Wat is het verschil tussen omloopsnelheid en days inventory outstanding?
Het is hetzelfde gegeven, anders uitgedrukt. Omloopsnelheid telt hoe vaak de voorraad per jaar wordt verkocht. Days inventory outstanding (DIO, voorraaddagen) telt hoeveel dagen een artikel gemiddeld ligt: 365 gedeeld door de omloopsnelheid. 1,08 keer per jaar is dus zo'n 338 dagen.
Wordt de omloopsnelheid berekend op inkoopwaarde of verkoopwaarde?
Op inkoopwaarde: de kostprijs van de verkopen tegenover de voorraad tegen kostprijs. Met de omzet in de teller telt de marge mee en lijkt de omloop hoger. Bij een importeur met 57% brutomarge gaf dat 2,5 keer, waar de echte omloop 1,08 keer was.
Hoe gaat de omloopsnelheid omhoog?
Door de voorraad te verlagen zonder de verkoop te raken. Dat betekent: dode en trage artikelen uitverkopen, de buffer per artikel berekenen in plaats van een vaste maand extra, en vaker in kleinere partijen bestellen waar de leverancier dat toelaat.
Stel een vraag over omloopsnelheid voorraad berekenen
Laat je e-mailadres achter. Een solution architect uit het team reageert binnen een werkdag, met een eerste inschatting.
Liever het uitgebreide contactformulier




